11
sept

Houd werving en selectie gescheiden - gedegen wetenschappelijk onderzoek komt met advies over de selectiepraktijk

Geplaatst door op in Nieuws
  • Fontgrootte: Groter Kleiner
  • Hits: 3420
  • 0 reactie
  • Afdrukken

Werving en selectie worden vaak in één adem genoemd, als twee aspecten van één proces. Toch weten we wel dat het activiteiten zijn met een verschillend doel en karakter. Bij werving gaat het om het aantrekken van kandidaten voor een functie, dus om het 'verkopen' van de functie en van de organisatie. Bij selectie gaat het om het beoordelen van de kans op succes van een kandidaat in een functie.

Maar selectiegesprekken hebben vaak tegelijk een wervingsdoel: de kandidaat beoordelen maar ook naar binnen zien te krijgen.

De vraag is of dat erg is. Een artikel in het toonaangevende Academy of Management Journal van juni dit jaar geeft een antwoord op deze vraag (Jennifer C. Marr, Dan M. Cable, Do interviewers sell themselves short? The effects of selling orientation on interviewers' judgments. Academy of Management Journal 2014, 624-651). In dit artikel doen de auteurs verslag van hun onderzoek naar het effect van de 'selling orientation' op de kwaliteit van selectie.

De kwaliteit van selectie werd in het onderzoek vastgesteld aan de hand van de beoordeling van de 'core self-evaluations' van de kandidaat. Core self-evaluations geven aan, in welke mate een kandidaat vertrouwen heeft in de eigen capaciteiten en competenties voor de functie. Ze zijn tevens een aanwijzing voor emotionele stabiliteit en positieve motivatie. Uit veel onderzoek is een verband gebleken tussen core self-evaluations en succes in het werk. Een positieve beoordeling door de selecteur van de core self-evaluations van een kandidaat zou dus verband moeten houden met goede werkprestaties.

Het onderzoek bestond uit een experimenteel gedeelte en uit een enquête onder een groot aantal selecteurs bij onderwijsinstellingen in de USA en de door hen geselecteerde kandidaten. De uitkomsten van beide onderdelen wezen uit, dat een selecteur die tijdens het selectiegesprek zijn best doet om de organisatie of de functie 'te verkopen' minder goed in staat is de core self-evaluations nauwkeurig te beoordelen. De onderzoekers adviseren daarom om dit verkoopdoel en de selectie niet in hetzelfde gesprek te combineren. De kwaliteit van de selectie is erbij gebaat als de selecteur zich enkel en alleen op de beoordeling van de kandidaat kan richten. Organisaties zouden de werving en de selectie bij verschillende personen moeten onderbrengen.

Verder bleek uit het onderzoek opnieuw het verband tussen core self-evaluations en het latere succes van de kandidaat. Ervaren selecteurs zijn goed in staat de core self-evaluations te beoordelen, mits zij zich inderdaad op deze beoordeling kunnen concentreren. Dat pleit ook voor een zekere ongevoeligheid van de selecteur voor de druk om (bepaalde) kandidaten de organisatie binnen te praten.

 

Waardeer dit blogbericht:
0
Getagged in: Beleid Recruitment

Maarten studeerde geschiedenis, rechten en bedrijfskunde. Volgde daarna onder meer het programma "Leading the Professional Service Firm" aan de Harvard Business School. Hij vervulde algemeen managementfuncties in gezondheidszorg en juridische dienstverlening, was acht jaar directeur bij Boekel De Nerée. In 1996 vestigde hij zich als zelfstandig organisatieadviseur en is sinds 1999 vennoot en senior adviseur bij RvdB. Zijn werkzaamheden voor opdrachtgevers liggen in hoofdzaak op twee aandachtsgebieden, die elkaar overlappen. Het eerste is de advisering van professional service firms, in het bijzonder in de juridische dienstverlening. Deze advisering betreft onder meer strategie, (financiële) besturing en organisatie. Het andere aandachtsgebied is HRM: advisering en projecten op het gebied van HRM-strategie, beloning en beloningssystemen en performance management. Een bijzonder aandachtsgebied is de samenwerking tussen partners in professionele organisaties, zowel de zakelijke als de persoonlijke aspecten.
Maarten Initieerde verschillende onderzoeksprojecten op deze werkterreinen, onder meer over bestuursvormen, ontwikkeling en uitval van professionals, beloningssystemen en benchmarks. Hij geeft cursussen, trainingen en publiceert regelmatig op zijn aandachtsgebieden. Hij is auteur van het boek "De economie van het advocatenkantoor" (2007). In 2008 begon hij aan een promotie-onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam dat hij in 2013 afrondde. Het onderzoek betrof de "Fit", het aansluiten van de waarden van persoon en organisatie onder advocaten, en de betekenis van HRM daarbij. Na zijn promotie blijft hij als gastonderzoeker verbonden aan de vakgroep Organizational Behaviour/HRM van de Amsterdam Business School.

Maarten is voorzitter van de Stichting het Nederlands Mediation Instituut en de Stichting Legal 2.0. Met zijn levenspartner Els van der Linden heeft hij twee volwassen kinderen. Na verschillende andere sporten is hij nu een actief hardloper (enkele marathons) en golft hij zo nu en dan.


linkedin-icon


Reacties